Gerardus wordt geboren op 20 januari 1909 in ’s-Hertogenbosch als zesde van de twaalf kinderen van Antonius Bolsius en Joanna de Kort. Het gezin woont van 1915 tot 1920 in Vught en keert vervolgens terug naar ’s-Hertogenbosch. In maart 1927 verhuist Gerardus naar Nijmegen, vermoedelijk omdat hij zich heeft gemeld bij het Korps Koloniale Reserve, dat daar in de Prins Hendrikkazerne wordt opgeleid voor het KNIL. Op een later moment vertrekt hij naar Nederlands-Indië. In 1931 trouwt hij te Buitenzorg op Java een inlandse vrouw.
Op 8 december 1941, een dag na de aanval op Pearl Harbor, verklaart de Nederlandse regering vanuit Londen Japan de oorlog. Tokyo grijpt dit aan om Nederlands-Indië direct binnen te vallen. Vanwege zijn natuurlijke oliebronnen en geostrategische ligging is de verovering van de Nederlandse kolonie voor Japan een van de belangrijkste doelen geworden om Oost-Azië te kunnen overheersen. Tegen deze achtergrond wordt Gerardus onder de wapenen geroepen en als brigadier van de infanterie ingezet bij de verdediging.
Na een veldtocht van drie maanden hebben de Japanners de belangrijkste strategische punten in de archipel veroverd. Het KNIL, slecht voorbereid en uitgerust en ernstig gehinderd door besluiteloosheid aan de top, biedt sporadisch nog hevig verzet, maar is niet opgewassen tegen de superieure Japanse vuurkracht. Op 8 maart 1942 wordt het KNIL in Bandoeng gedwongen tot de capitulatie. Rond deze tijd wordt Gerardus samen met duizenden andere Nederlandse militairen krijgsgevangen genomen en afgevoerd naar de kampen. Hij komt uiteindelijk terecht in kamp Samarinda II aan de oostkust van Borneo.
In de Japanse kampen staan de krijgsgevangenen bloot aan de meest uiteenlopende ontberingen en stelselmatige mishandeling. Ze worden gedwongen tot zwaar, uitputtend werk ten behoeve van de Japanse krijgsverrichtingen, maar ontvangen nauwelijks afdoende voeding, medicijnen en kleding. Huisvesting in de kampen is erbarmelijk slecht, zodat besmettelijke en tropische ziekten zich snel kunnen verspreiden. In hun verzwakte toestand lopen de gevangenen niet alleen groot risico ernstige ongelukken te maken, maar ze worden ook afgeranseld door de bewakers als zij vinden dat het werk niet hard genoeg opschiet. Onder deze omstandigheden vinden duizenden militairen in de kampen de dood.
Sporadisch wordt ook verzet gepleegd, wat de gevangenen met de dood bekopen. Dit zou zijn gebeurd met Gerardus. Op 25 januari 1943 wordt hij geëxecuteerd vanwege opzettelijke vernieling en omdat hij een vluchtpoging zou hebben ondernomen. Het is niet vast te stellen in hoeverre dit waar is en of dit mogelijk een eufemisme is voor een buitengerechtelijke executie. Gerardus vindt zijn laatste rustplaats op het Nederlands ereveld Ancol in Jakarta.
Reactie toevoegen