J.A. Pruijsten (bron: Oorlogsgravenstichting)

Jan Pruijsten

1920 - 1940

Jan Pruijsten werd op 16 februari 1920 geboren in Geertruidenberg. Zijn vader Toon had een transportbedrijf aan de Koestraat 73 te Geertruidenberg. Op jonge leeftijd volgde Jan teken en schilderlessen, had al vroeg belangstelling voor culturele liefhebberijen, zoals voetbal bij de Geertruidenbergse voetbalvereniging Right-oh en wielrennen. Ook volgde hij muzieklessen en leerde een vioolciter bespelen.

Oorlogsdreiging

Bij loting ten stadhuize van Geertruidenberg werd Jan als “loteling nummer 21” aangewezen om de militaire dienstplicht te gaan vervullen. Dit betekende een zwarte dag voor hem in het leven, want hij vond het verschrikkelijk om in dienst te gaan. Huilend kwam hij dan ook thuis omdat het lot hem getroffen had en hij zijn vertrouwde omgeving zou moeten verlaten. Juist in de periode van een dreigende Duitse inval werd Jan op 23 oktober 1939 opgeroepen om zijn gewone dienstplicht van de lichting 1940 te gaan vervullen. Hij werd oorspronkelijk ingedeeld bij het 1e Regiment Wielrijders 1 R.W., 1e ploeg (hij beoefende immers de wielersport) De garnizoensplaats van dit regiment was de Isabellakazerne in ’s-Hertogenbosch, maar met de afkondiging van de mobilisatie op 28 augustus 1939 werd het regiment als reserve voor de Peel-Raamstelling verplaatst naar het gebied ten zuidoosten van Eindhoven. Deze verplaatsing was dan ook de reden dat Jan voor zijn opleiding niet naar ’s-Hertogenbosch, maar naar het Depot Wielrijders te Gouda moest. Tot 15 februari 1940 werd Jan daar tijdelijk ingedeeld bij de derde compagnie van het Depot Regiment Wielrijders. Na zijn basisopleiding werd hij overgeplaatst naar het 2e Regiment Wielrijders (2 R.W.) en ingedeeld bij de 2e Compagnie van Bataljon 1, in het militaire jargon 2-1-2 R.W. Het 2 R.W. was vanaf 1 maart 1939 gelegerd in de Koning Willem III-kazerne te Gouda, doch kreeg in die stad amper de gelegenheid om te acclimatiseren, want vijf maanden later werd met dezelfde bestemming als het 1 R.W., naar het gebied ten zuidoosten van Eindhoven gedirigeerd. Door deze regimentsverplaatsing vertrok Jan na zijn opleiding rechtstreeks naar zijn kwartier achter het front. De regimenten wielrijders maakten deel uit van de Lichte Divisie, die bij order bij een Duitse inval zich zouden terugtrekken in de Vesting Holland. Het Korps Wielrijders, dat in 1946 zou worden opgeheven, bestond uit twee regimenten met elk drie bataljons (I, II en III). Elk regiment telde 2595 manschappen.

In oorlog met Duitsland

Zodra de Duitse inval op 10 mei 1940 een feit werd, begaven de regimenten Wielrijders zich volgens de gegeven orders onmiddellijk in noordwestelijke richting naar hun bestemming in de Vesting Holland. Echter niet volgens plan via de Moerdijkbrug en Dordrecht naar Rotterdam, want deze weg was afgesneden door de verrassende bezetting van de Moerdijkbruggen door Duitse parachutisten van de 22 Luftlandedivision, dus moest er een nieuwe marsroute worden bedacht. Het 1 R.W. trok nu via Eindhoven, Tilburg, Loon op Zand, de pontonbrug ten westen van Drongelen over de Bergse Maas, Eethen, Brakel en Gorinchem naar Vianen. Voor het 2 R.W., het regiment van Jan, liep de marsroute via Meijel, Asten, Eindhoven, Tilburg, Loon op Zand, Waspik, Raamsdonk, de Werfkampen, de brug over de Bergse Maas bij Keizersveer en Gorinchem, naar het gebied ten zuiden en oosten van Dordrecht.

10 mei

De 2-1-2 R.W., het regiment van Jan Pruijsten, bevond zich bij het uitbreken van de oorlog in de omgeving van Blerick, waar men ’s morgens om 04.30 uur vertrok. Om 09.00 uur bereikte de compagnie een punt tussen Asten en Meijel en om 12.00 uur bevond men zich oostelijk van Loon op Zand. Hier werd de autotrein van de Lichte Divisie door Duitse jachtvliegtuigen aangevallen. De voorhoede van het 2. R.W. bereikte om 10.00 uur de brug bij Keizersveer. In de loop van de middag passeerde daar ook de 2-1-2 R.W. van Jan. Dat was dus vlak bij de woonplaats van zijn ouders, Geertruidenberg. Ondanks de geringe communicatiemiddelen was vader Pruijsten op de hoogte gebracht van de route waarlangs de Wielrijders terugtrokken en samen met zijn dochter Marie was hij, met medeneming van een burgerpak voor Jan, naar de brug bij Keizersveer gegaan om Jan te ontmoeten en te bewegen tot desertie. (Hoe ver kan een vaderhart gaan……) Inderdaad konden zij daar afscheid van Jan nemen, die overigens niet op het voorstel van zijn vader wilde ingaan; hij wilde zijn plicht vervullen en zag het als een schande om als deserteur te worden aangemerkt. Voordat hij door de gepantserde schuifdeuren aan de zuidzijde van de brug in noordelijke richting van de Bergse Maas vertrok, keerde hij zich nog eenmaal naar Geertruidenberg en het Brabantse land ten zuiden van de Bergse Maas en zei tegen zijn vader en zus Marie, alsof hij voorvoelde wat er stond te gebeuren; “dat zal ik wel nooit meer terugzien”. Het 2 R.W. is diezelfde dag om 16.10 uur al geheel bij Gorinchem met ponten over de Merwede gezet, 1 R.W. was daar toen nog bezig om over te gaan. De 2-1-2 R.W. kwam om 19.30 uur aan ten Schelluinen (ten westen van Gorinchem) waar de compagnie door Duitse jachtvliegtuigen werd beschoten. Hierbij kwam korporaal Jan Schellekens om het leven. Vermoeid en hongerig, velen van hen hadden als twee dagen geen eten gehad, werd de mars van het 2 R.W. ’s nachts voortgezet. Bij het Papendrechtse Veer werden de onderdelen met behulp van twee veerponten de Oude Maas overgezet, om pas tegen de middag van 11 mei, later dan gepland, de stellingen op het Eiland van Dordrecht te bereiken. Ondanks alle ondervonden stagnatie is het opmerkelijk dat de Wielrijders in een korte tijdspanne een dergelijke afstand wisten af te leggen. Er wordt zelfs gesproken van een legendarische verplaatsing van de Wielrijders. De strijd op het Eiland van Dordrecht De situatie op het Eiland van Dordrecht was de eerste dagen van de oorlog erg onoverzichtelijk door de daar neergelaten Duitse parachutisten, die door groepjes Nederlandse militairen werden bevochten. De Duitsers maakten veel krijgsgevangenen, die zij soms gebruikten als dekking voor hun aanvallen.

11 mei

’s Morgens kreeg de Lichte Divisie, waaronder de regimenten Wielrijders, order om onder het vasthouden van de oostelijke oever van de Noord en de brug daarover, het Eiland van Dordrecht te zuiveren van Duitsers en vervolgens over ’s Gravendeel en Barendrecht op te rukken naar het vliegveld Waalhaven. Voor deze zuiveringsacties werden twee gevechtsgroepen gevormd, een Hoofdgroep en een Vasthoudende Groep. De Hoofdgroep werd belast met de zuivering van het eiland en de Vasthoudende Groep moest posities aan de oostoever van de Noord tussen Kinderdijk en Hendrik-Ido-Ambacht vasthouden. De 2-1-2 R.W. werd toegevoegd aan de Hoofdgroep. Ook moest zo spoedig mogelijk een tweede bataljon Wielrijders ter beschikking worden gesteld aan de Kantonnement Commandant Dordrecht. Hiervoor werd de rest van het I-2 R.W. bestemd. Het III-2 R.W. had daartoe al eerder opdracht ontvangen. De Hoofdgroep moest met drie bataljons in de voorste lijn oprukken. Achter deze lijn werd II-2 R.W. in reserve gehouden. In de namiddag van 11 mei zorgden de Duitse bombardement op Alblasserdam en opstoppingen op de smalle wegen van het gebied, voor vertraging van de opmars van de Nederlandse troepen.

12 mei

Pas in de ochtend van 12 mei kwam de opmars van de zuiveringsactie weer op gang. De Lichte Divisie nam met het 1 R.W. stellingen in tussen Papendrecht en Sliedrecht en met het 2.R.W. langs de over van de Noord. Het bataljon Wielrijders dat in de Wieldrechtse Polder naar Dordrecht oprukte, werd vanuit Moerdijk beschoten door Duits geschut. De 2-1-2 R.W. bevond zich nog in Dordrecht en kreeg opdracht om vanuit die stad in zuidelijke richting op te rukken. Om 09.30 uur was de compagnie gevorderd tot Dubbeldam, maar ondervond daar hevige tegenstand van de Duitsers. Na verkregen artilleriesteun van de batterij te Strijen kon de opmars worden hervat en werden de Duitsers teruggedrongen. Om 17.30 uur bereikte de compagnie, samen met andere eenheden, de kruising van de Zeedijk met de Schenkeldijk en de Oude Veerweg in Dubbeldam. Doch na hevig Duits geschutvuur op hun posities trokken de troepen zich terug naar een viersprong van straatwegen en gingen daar om 20.00 uur in stelling. ’s Avonds om 22.00 uur werden er rond de stelling zes wachtposten uitgezet. De sectiecommandant bij 2-1-2 R.W., reserve vaandrig M. Rom Colthoff ging om 23.00 uur in zijn eentje de donkere weg vóór zijn wachtpost verkennen, een verkenning waarvan hij niet terugkeerde. Wat er precies met hem is gebeurd is niet bekend. Zijn verbrande lijk werd later teruggevonden in een huisje aan de Achterweg te Dubbeldam.

13 mei

Om 03.00 uur werden de wachtposten van de 2-1-2 R.W., ingetrokken en ging de compagnie per rijwiel op mars ter ondersteuning van de 3-1-2 R.W., die zich daar bevond. Omstreeks 03.30 uur bereikte de 2-1-2 R.W. over de Schenkeldijk de Zeedijk in Dubbeldam. Daar werd positie ingenomen voor de komende aanval op de Duitsers. Gedurende deze aanval werden de Wielrijders tot tweemaal toe door de Duitse jachtbommenwerpers (Stuka’s) bestookt. De eerste luchtaanval duurde van 04.20 tot 05.45 uur. Tussen 06.15 uur en 06.35 uur verschenen er aan de Zeedijk oprukkende Duitse tanks (Panzerwagen IV) van het 33. Panzerregiment, dat behoorde tot de 9. Panzerdivision. De tanks werden ondersteund door een tweede luchtaanval van vijftien á twintig Stuka’s. De tanks rukten op tot aan de kruising met de Schenkeldijk en verspreidden zich daar in drie richtingen. De met oranje-gele doeken (soms wordt gesproken over “oranje lappen”) bedekte tanks – de overval in Nederland werd uitgevoerd onder de naam “Operation Fall Gelb”- wekten bij de Nederlandse militairen de indruk dat het Franse Pantserwagens waren die hen te hulp kwamen. De Duitsers konden daardoor ongehinderd naderen van dicht bij het vuur openen op de totaal verraste Nederlandse militairen. De Nederlandse troepen raakten daardoor in grote verwarring, leden verliezen en werden teruggeslagen of krijgsgevangen gemaakt. Er was in de kale polders van Dubbeldam nagenoeg geen dekking voor de Wielrijders, waardoor bij dezen twee aanvallen vier manschappen van de 2-1-2 R.W. door machine geweervuur uit de vliegtuigen en de tanks werden getroffen, waaronder Jan Pruijsten; hij raakte zeer zwaar gewond door mitrailleurvuur uit Duitse tanks. Omdat Jan volgens zijn eigen verklaring vanuit een tank, die bedekt was met een gele lap, werd beschoten, moet hij dus nabij half zeven aan de Schenkeldijk gewond zijn geraakt. Zijn vluchtende kameraden lieten hem en de andere drie zwaar gewonden achter. Het waren Duitse militairen die Jan hulp boden en water lieten drinken. Ze brachten de gewonden ook naar de ziekenhuizen in Dordrecht en Rotterdam. Jan werd naar het Zuiderziekenhuis aan de Groene Hilledijk in Rotterdam-Zuid gebracht. Daar zouden zij aan hun verwondingen overlijden. Jan overleed op 31 mei 1940.

14 mei

Op deze dag capituleerde het Nederlandse Leger, waardoor er voorlopig een einde kwam aan de ongelijke strijd met de Duitsers. Tijdens de oorlogshandelingen tussen 10 en 14 mei sneuvelden zevenenzeventig manschappen van het Regiment Wielrijders. In de stad Dordrecht, waar zware straatgevechten werden uitgevoerd, sneuvelden elf Wielrijders, waarvan vier van de compagnie van Jan Pruijsten.

Afscheid van Jan Pruijsten

Tijdens een bezoek van zijn ouders aan Jan in het ziekenhuis werd de broer van Jan, Thijs Pruijsten, geconfronteerd met een woede-uitbarsting van zijn vader om datgene wat de Duitsers zijn zoon Jan hadden aangedaan, die daar zo zwaar verminkt (arm en been geamputeerd en diverse schotwonden in rug en long) in het ziekbed lag, én het antwoord dat Jan zijn vader gaf. Jan had zijn vijand al vergeven en zei tegen zijn vader dat hij hem dank zij Duitse militairen nog in leven zag. Jan had goede moed dat alles nog wel in orde zou komen en zei tegen een lotgenoot van zijn compagnie, die bij hem op de kamer lag; “als we opgeknapt zijn gaan we naar Engeland”. Nadat zijn vader, moeder en oom als laatste een bezoek aan Jan hadden gebracht, overleed Jan op 31 mei 1940 in het Zuiderziekenhuis. Jan werd overgebracht naar Geertruidenberg en is daar met toestemming van de Duitse Ortskommandant op dinsdag 4 juni 1940 met militaire eer begraven. Hoewel, de manschappen van de Bergse Luchtwacht – die hem naar zijn laatste rustplaats begeleidden en de met de Nederlandse vlag bedekte kist droegen, mochten hun wapens en koppels niet dragen. Na afloop van de kerkdienst in de R.K. Sint-Gertrudiskerk, zongen de aanwezigen spontaan het Nederlandse volkslied, wat velen diep ontroerde. Op de R.K. begraafplaats in Geertruidenberg werd Jan in een particulier graf begraven. Na de Tweede Wereldoorlog werd hij herbegraven, tezamen met twee gesneuvelde Bergse soldaten in een nieuw aangelegd Ere graf.

Harry Pruijsten (neef van Jan Pruijsten)

Meer
Meer

Steek een kaarsje op

Meer

Reacties

Moos Raaijmakers zei op 5 januari 2018

Bergenaar Jan Pruijsten werd als dienstplichtig soldaat na de Duitse inval ingezet bij de strijd en nam op 13 mei 1940 met zijn compagnie een stelling in aan de Zeedijk bij Dubbeldam. Pruijsten werd getroffen door Duits mitrailleurvuur. Hij werd naar het Zuiderziekenhuis in Rotterdam gebracht waar hij na achttien dagen overleed. Met militaire eer werd hij in Geertruidenberg begraven. Zijn kist was bedekt met de Nederlandse driekleur en werd gedragen door manschappen van de voormalige Luchtwacht. Na afloop van de dienst zong men het Wilhelmus, wat toen eigenlijk niet meer mocht.

Harry Pruijsten zei op 18 september 2019

Het verhaal van mijn neef Jan is zeer mooi weergegeven. Fijn om te zien dat hij niet voor niets is gesneuveld en dat zijn verhaal voor de toekomst zichtbaar bewaard is gebleven.

Profile picture for user Paul Huismans
BHIC Paul Huismans zei op 19 september 2019

Dank, Harry Pruijsten, voor dit compliment. Zcihtbaar maken en bewaren voor de toekomst is precies waarvoor we dit doen.

Reactie toevoegen

Beperkte HTML

  • Toegelaten HTML-tags: <a href hreflang> <em> <strong> <cite> <blockquote cite> <code> <ul type> <ol start type> <li> <dl> <dt> <dd> <h2 id> <h3 id> <h4 id> <h5 id> <h6 id>
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.

*Deze velden zijn niet verplicht en worden ook niet zichtbaar op deze website. Wij gaan vertrouwelijk om met uw e-mailadres en telefoonnummer.