Antonius wordt geboren op 22 december 1922 in te Breda, als zoon van Catharina Blesgraaf uit Haarlem en een onbekende vader. Omdat Catharina op het moment van zijn geboorte ongehuwd is, moet ze haar zoon in de kraamkliniek van het doorgangshuis Moederheil ter wereld brengen. Het is niet bekend hoe Antonius’ jeugd eruit heeft gezien. Op enig moment treedt hij echter in dienst bij de Koninklijke Rotterdamsche Lloyd en gaat als matroos werken op de koopvaardijvloot.
Vermoedelijk is Antonius al in Nederlands-Indië als de Tweede Wereldoorlog uitbreekt. Op 6 juni 1940 legt de Nederlandse regering vanuit Londen vaarplicht op aan alle Nederlanders op koopvaardijschepen. Het gaat om ongeveer 12.000 opvarenden op 850 schepen. Zo wordt ook Antonius ingezet voor de Nederlandse oorlogsvoering aan geallieerde zijde.
Op 8 december 1941, een dag na de aanval op Pearl Harbor, verklaart de Nederlandse regering vanuit Londen Japan de oorlog. Japan grijpt dit aan om Nederlands-Indië direct binnen te vallen. Vanwege zijn natuurlijke oliebronnen en geostrategische ligging is de verovering van de Nederlandse kolonie voor Japan een van de belangrijkste doelen om Oost-Azië te overheersen. Tegen deze achtergrond wordt ook Antonius ingezet bij de verdediging van de kolonie.
Na een veldtocht van drie maanden hebben de Japanners de belangrijkste strategische punten in de archipel veroverd. Het KNIL, slecht voorbereid en uitgerust en ernstig gehinderd door besluiteloosheid aan de top, biedt sporadisch nog heftige tegenstand, maar is niet opgewassen tegen de superieure Japanse vuurkracht. De geallieerde vloot wordt eind februari 1942 in de Slag in de Javazee verslagen, waarna de Japanners landen op Java. Op 8 maart 1942 capituleert het KNIL in Bandoeng. Antonius wordt krijgsgevangen genomen en samen met duizenden andere Nederlandse militairen afgevoerd naar de Javaanse kampen. Later volgt transport naar Sumatra, om als dwangarbeider te worden ingezet bij de aanleg van de Pakanbaroe-spoorlijn. Het is mogelijk dat Antonius onderweg van Batavia naar de haven van Padang schipbreuk heeft geleden, maar het is niet bekend met welk schip Antonius is vervoerd.
De omstandigheden aan de Pakanbaroe-spoorlijn zijn vergelijkbaar met die aan de langere en bekendere Birma-spoorlijn. Werken aan het spoor betekent voor de gevangenen zeer lange dagen van extreem zwaar werk, terwijl ze blootstaan aan stelselmatige mishandeling en ongelukken. Ondertussen lijden ze ernstig gebrek aan adequate voeding, schoon water, medicijnen, kleding en onderdak. Duizenden krijgsgevangenen komen door deze ontberingen om het leven, of keren terug met permanent lichamelijk en geestelijk trauma.
Daar bovenop lopen de gevangenen voortdurend het risico een besmettelijke tropische ziekte op te lopen. Dit gebeurt ook met Antonius die op 22 september 1944 malaria tropica krijgt, de gevaarlijkste variant van malaria. Op 5 oktober 1944 aan bezwijkt hij in het kamp te Pakanbaroe aan de gevolgen van de ziekte. Antonius is 21 jaar geworden en vindt zijn laatste rustplaats op het Nederlands ereveld Kembang Kuning in Surabaya.
Reactie toevoegen