Antoon wordt geboren op 21 januari 1899 in Haps als zoon van Henri Aldenhoven en Johanna Geurts. Hij is getrouwd met Johanna Janssen en woont vanaf eind 1931 in Nederlands-Indië, eerst in Tjilatjap en vervolgens in Bandoeng op Java. Tussen 1932 en 1935 zijn ze nog voor enkele maanden teruggekeerd naar Haps, maar op dat moment stonden ze officieel ingeschreven in Nijmegen.
In Bandoeng is Antoon werkzaam als hoofdagent van de politie en daar heeft hij zich ook aangesloten bij de Landstorm. Dit hulpkorps van het KNIL bestaat uit oudere mannen die niet in aanmerking komen voor reguliere militaire dienst, maar nog wel opgeroepen kunnen worden voor de landsverdediging.
Op 8 december 1941, een dag na de aanval op Pearl Harbor, verklaart de Nederlandse regering vanuit Londen Japan de oorlog. De Japanners grijpen dit aan om Nederlands-Indië direct binnen te vallen. Vanwege zijn natuurlijke oliebronnen en geostrategische ligging is de verovering van de Nederlandse kolonie voor de Japanners een van de belangrijkste doelen geworden om Oost-Azië te kunnen overheersen. Tegen deze achtergrond wordt Antoon ingezet voor de verdediging van Java.
Na een veldtocht van drie maanden hebben de Japanners de belangrijkste strategische punten in de archipel veroverd. Het KNIL, slecht voorbereid en uitgerust en ernstig gehinderd door besluiteloosheid aan de top, biedt sporadisch nog heftige tegenstand, maar is niet opgewassen tegen de superieure Japanse vuurkracht. Op 8 maart 1942 capituleert het KNIL in Bandoeng. Diezelfde dag wordt Antoon daar krijgsgevangen genomen en samen met duizenden andere Nederlandse militairen afgevoerd naar de Javaanse kampen. Later volgt transport naar Sumatra, waar hij als dwangarbeider wordt ingezet bij de aanleg van de Pakanbaroe-spoorlijn die de oost- en westkust van het eiland met elkaar moet verbinden.
De omstandigheden zijn er vergelijkbaar met die aan de langere Birma-spoorlijn. Werken aan het spoor betekent voor de gevangenen zeer lange dagen van extreem zware arbeid, terwijl ze blootstaan aan stelselmatige mishandeling, ongelukken en tropische ziekten. Ondertussen lijden ze ernstig gebrek aan adequate voeding, schoon water, medicijnen, kleding en onderdak. Duizenden krijgsgevangenen komen door deze ontberingen om het leven, of keren terug met permanent lichamelijk en geestelijk trauma.
Ook voor Antoon worden de ontberingen uiteindelijk te veel. Op 10 juli 1944 wordt hij ziek opgenomen in het gevangenenhospitaal, om daar ruim een maand later als gevolg van de inadequate zorg op 17 augustus 1944 te bezwijken aan acute enteritis. Antoon is 45 jaar geworden en vindt zijn laatste rustplaats op het Nederlands ereveld Leuwigajah in Cimahi.
Reactie toevoegen