Jacob (roepnaam Dick) wordt geboren op 12 december 1918 in Den Haag en groeit op in Nederlands-Indië. Voor opleiding keert hij terug naar Nederland, waar hij aan de Kweekschool voor de Zeevaart in Amsterdam zijn vliegbrevetten haalt. Daarna wordt hij piloot bij de KLM.
Naar eigen schrijven wordt Dick tijdens de meidagen van 1940 als militair vlieger gedetacheerd te Schiphol en ingezet bij drie bombardementsvluchten. Tijdens de laatste vlucht zou zijn toestel zijn neergehaald, waarbij de bemanning zich op de telegrafist na met hun parachutes in veiligheid kon brengen. Dick noemt Olaf Douwes Dekker, Pieter Espeet en Jacobus van den As als gesneuvelde vrienden; alle drie maakten deel uit van het 2-I-1 Luchtvaart Regiment.
Van 14 mei tot 19 juni 1941 wordt een groep vliegeniers en KLM-personeel vastgezet in interneringskamp Schoorl. Zij worden ervan verdacht te hebben samengewerkt met drie piloten die naar Engeland zijn ontsnapt. Uit tekeningen die hij er maakte, weten we dat Dick onderdeel uitmaakte van deze groep gevangenen.
Na zijn vrijlating gaat Dick eerst aan het werk bij de Crisis Controle Dienst in Mijdrecht. Maar nog in 1941 vindt hij een baan als assistent afdelingschef bij Philips in Eindhoven. Daar werkt hij tot april 1943. Als in het voorjaar van 1943 uitzending naar Duitsland dreigt, duikt Dick onder in Tilburg.
Op enig moment komt Dick in contact met de spionagegroep Dienst Wim en hij krijgt de mogelijkheid om deel te nemen aan een plan om drie piloten vanaf een zandplaat in de Waddenzee met een onderzeeër of watervliegtuig naar Engeland te brengen. Maar dit plan is door de beruchte collaborateur Anton van der Waals aan de Duitsers verraden. Op 20 juli 1943 worden de betrokkenen in Apeldoorn gearresteerd.
Tussen 21 juli en 5 augustus 1943 zat hij voor verhoor gevangen in cel 556 van de gevangenis van Scheveningen, het zogenaamde ‘Oranjehotel’. Daarna wordt hij overgebracht naar de Polizeigefängnis Haaren. Daar verlooft Dick zich op 30 mei met de zus van een collega bij Philips, Beppie Meier. Nog geen maand later, op 23 juni 1944, wordt hij met een groot aantal anderen ter dood veroordeeld.
Maar het vonnis wordt niet uitgevoerd. In plaats daarvan wordt hij afgevoerd naar Duitsland. Eerst op 29 juli naar de tuchtgevangenis in Anhalt en op 5 september naar die in Lüttringhausen, een stadsdeel van Remscheid waar hij in de tuchtgevangenis belandt.
De gevangenis van Lüttringhausen wordt door de nazi’s gebruikt om politieke tegenstanders vast te houden. Vergeleken met de concentratiekampen zijn de omstandigheden er hooguit marginaal beter. Ook hier staan de gevangenen bloot aan dwangarbeid, mishandeling, willekeur en verwaarlozing. In deze omstandigheden verzwakken de gevangenen snel en kunnen ook besmettelijke ziekten snel om zich heen grijpen. Zo komt ook Dick op 9 april 1945 in zijn cel in de gevangenis om het leven aan de gevolgen uitputting en verwaarlozing. “Longvliesontsteking en open longtuberculose,” vermeldt zijn registratiekaart van de gevangenis, maar we weten dat die registraties niet altijd betrouwbaar zijn. Hij is 26 jaar geworden en vindt zijn laatste rustplaats op het Nationaal Ereveld in Loenen.
Luister ook naar onze podcast over Dick Winterdijk en Beppie Meier: Afscheidsbrieven uit de oorlog.
Reacties
Volgens mij was Dick een neef van mijn vader (H.A Cumming, den haag 1928-2018) mijn vader vertelde dat hij in de ligusterstraat gewoond heeft, op de johan de witt HBS zat (bij t gemeentemuseum, en in Monster woonde voor de oorlog. Met zijn moeder (zijn tante) had in vd oorlog in Indonesié gewoond.
Bedankt voor uw reactie, Andrew. Dit zijn mooie aanvullingen. En mocht uw vader u meer hebben verteld over Dick, dan nemen wij dat graag mee voor in zijn verhaal.
Voor meer informatie over Dienst Wim zie Wikipedia: https://nl.wikipedia.org/wiki/Dienst_Wim
Dank voor de verwijzing naar meer informatie over de verzetsgroep, Rob.
Reactie toevoegen