M.J.G.M. van den Wildenberg (bron: Het Grote Gebod)

Marius van den Wildenberg

1917 - 1945

Marius wordt geboren op 21 mei 1917 in Loon op Zand als eerste kind van Henricus van den Wildenberg en diens tweede vrouw Anna van Loosdrecht. Marius heeft nog twee oudere halfbroers uit zijn vaders eerste huwelijk met de vroeg overleden Maria Peters. In de jaren dertig is hij leerling van het Sint-Odulphuslyceum in Tilburg, waar hij de HBS-A-opleiding volgt. Ten tijde van de Duitse bezetting woont hij in Haaren, waar hij in meerdere hoedanigheden werkzaam is: als eerste ambtenaar ter secretarie, plaatsvervangend gemeentesecretaris, plaatsvervangend gemeenteontvanger en als ambtenaar voor de bevolkingsregisters. Onmisbaar als hij daardoor is voor de gemeente, wordt hij vrijgesteld van de Arbeitseinsatz, de verplichte tewerkstelling in Duitsland. Dit stelt hem in de gelegenheid om samen met collega-ambtenaar André Vissers illegale persoonsbewijzen te verstrekken aan de grote aantallen onderduikers en verzetsplegers in de gemeente. Uiteindelijk sluiten ze zich ook aan bij de Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers (LO).

Met het verstrekken van de jaren hebben ze zoveel illegale persoonsbewijzen verstrekt dat een controle hen fataal zal worden. In januari 1944 besluiten Marius en André daarom de gemeentelijke administratie en het gehele bevolkingsregister, met alle voor de Duitsers gevoelige informatie, te laten verdwijnen en vervolgens een roofoverval in scène te zetten. Een kleine hoeveelheid dossiers wordt achtergelaten voor hun vier handlangers die de overval uitvoeren, zodat het lijkt alsof dat alles is wat is weggeroofd. Als alibi wordt afgesproken dat Marius en André zelf die avond ergens gaan kaarten. De operatie, uitgevoerd in de nacht van 14 op 15 januari lijkt aanvankelijk een succes, maar in maart worden Marius en André door de Sicherheitsdienst (SD) meegenomen voor onderzoek op het gemeentehuis waar spoedig belastende feiten aan het licht komen. Voor verhoor worden ze daarop eerst de SD-Polizeigefängnis in Haaren binnengebracht, daarna de gevangenis in Scheveningen, het zogenaamde ‘Oranjehotel’.

Twee maanden later worden ze tewerkgesteld in Arnhem, waarna ze worden gedeporteerd naar de Duitse kampen. Ze komen in ieder geval in Buchenwald terecht, waar André eind februari 1945 zou bezwijken aan uitputting, ondervoeding en mishandeling.

Van Marius ontbreekt echter ieder spoor. Na Buchenwald zou hij in een Duits ziekenhuis zijn beland of in het voorjaar van 1945 naar Bergen-Belsen zijn doorgevoerd. Bergen-Belsen wordt dan door de Duitsers gebruikt als ‘dumpplaats’ voor zieke kampgevangenen uit geheel Duitsland. Door verwaarlozing, mishandeling en de extreem slechte leefomstandigheden sterven er daar in de maanden rond de bevrijding in april tienduizenden gevangenen aan vlektyfus.

Marius’ overlijdensdatum en -plaats zijn vastgesteld op 31 mei 1945 in Bergen-Belsen. Hij is dan 28 jaar geworden.

Meer
Meer

Steek een kaarsje op

Meer

Reacties

Reactie toevoegen

Beperkte HTML

  • Toegelaten HTML-tags: <a href hreflang> <em> <strong> <cite> <blockquote cite> <code> <ul type> <ol start type> <li> <dl> <dt> <dd> <h2 id> <h3 id> <h4 id> <h5 id> <h6 id>
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.

*Deze velden zijn niet verplicht en worden ook niet zichtbaar op deze website. Wij gaan vertrouwelijk om met uw e-mailadres en telefoonnummer.