Roelof Frank

1909 - 1942

Roelof wordt geboren op 23 september 1909 in het Overijsselse Steenwijk als oudste van de drie kinderen van Joachim Frank en Dora Heijmans. Hij groeit op in het Nederlands-Israëlitische milieu. Roelof trouwt in 1935 in Oss met Betty Maijer en samen gaan ze daar aan de Spoorlaan wonen. Hier wordt hun zoon geboren.

Roelof is opgeleid als arts. Vanwege de toegenomen oorlogsdreiging wordt hij in februari 1940 opgeroepen voor militaire dienst en gestationeerd in Hoek van Holland. Het stelt hem in staat om na de Duitse inval van mei 1940 met de Koninklijke Familie, de regering en het restant van het Nederlandse leger de oversteek te maken naar Engeland. Vandaaruit neemt Roelof aan geallieerde zijde deel aan de strijd tegen Duitsland.

Hij gaat als Reserveofficier van Gezondheid achtereenvolgens werken in het Clapham Hospital te Londen, in Porthcawl en in Yorkshire. Vanaf 1941 is Roelof gedetacheerd bij het Britse leger en wordt uitgezonden naar Colombo op Brits-Ceylon (nu Sri Lanka) en voert vandaaruit met drie konvooien tussen Colombo en Melbourne mee op hospitaalschepen.

Eind november 1942 vaart Roelof met een detachement van 63 Nederlandse KNIL-militairen aan boord van de Australische korvet H.M.A.S. Armidale vanuit Colombo naar Melbourne, maar onderweg wordt hun bestemming gewijzigd in Timor. Samen met het kleine hulpschip Kuru en de korvet H.M.A.S. Castlemaine is het schip aangewezen om het Nederlandse detachement daar af te zetten voor de strijd tegen Japan. Tegelijkertijd worden de reeds aanwezige troepen en Portugese vluchtelingen van Oost-Timor geëvacueerd.

De operatie loopt vertraging op door het slechte weer en Japanse luchtaanvallen op de beide korvetten. De Kuru slaagt erin de Portugese vluchtelingen op te pikken en af te zetten op de Castlemaine voor transport naar Darwin. De Armidale, met de Nederlandse troepen aan boord, wordt echter in de namiddag van 1 december 1942 ter hoogte van de Timorese kustplaats Betano door een Japans vliegtuigeskader onder vuur genomen. Het schip zinkt snel, maar een van de bemanningsleden weet nog twee toestellen neer te halen. Het zinken van de Armidale kost aan ruim honderd van de 149 opvarenden het leven. Ook Roelof overleeft de scheepsramp niet. Hij is 33 jaar geworden.

In bezet Nederland blijven zijn weduwe en zoontje aanvankelijk in hun eigen huis in Oss wonen. Met de hulp van het verzet is er bij wijze van dekmantel een ‘rusthuis’ in ondergebracht waar Betty haar ouders en die van Roelof kan onderbrengen. Vandaaruit duiken ze onder in Brunssum. Roelofs ouders en schoonouders zouden daardoor de Holocaust overleven. Van maart 1943 tot oktober 1944 duikt Betty met haar zoontje onder in Schaijk, om na de bevrijding terug te keren naar Oss. In juni 1951 migreren ze naar Johannesburg in Zuid-Afrika.

Roelofs broer Nathan zou de Holocaust eveneens overleven, maar niet hun zus, ook Betty geheten. Op 5 mei 1943 wordt ze tijdens een razzia in het Nederlands-Israëlitisch Ziekenhuis in Amsterdam, waar ze dan leerling-verpleegster is, gevangen en afgevoerd naar Westerbork. Op 18 mei is ze op transport gezet naar Sobibor, waar ze op 21 mei 1943 bij aankomst onmiddellijk wordt vermoord.

Meer
Meer

Steek een kaarsje op

Meer

Reactie toevoegen

Beperkte HTML

  • Toegelaten HTML-tags: <a href hreflang> <em> <strong> <cite> <blockquote cite> <code> <ul type> <ol start type> <li> <dl> <dt> <dd> <h2 id> <h3 id> <h4 id> <h5 id> <h6 id>
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.

*Deze velden zijn niet verplicht en worden ook niet zichtbaar op deze website. Wij gaan vertrouwelijk om met uw e-mailadres en telefoonnummer.